Auteursrecht & content in het onderwijs

Docenten worden steeds vaker aangemoedigd om in hun materiaal digitaal ter beschikking te stellen, via e-mail, maar vaak via een eigen portal of electronische leeromgevingen, zoals moodle of blackboard. Op congressen kom ik vaak docenten tegen die opzien tegen het auteursrecht. Ze vragen: “mag ik het wel gebruiken? en “hoe zit het dan met de rechten die erop zitten?”.

Lucie Guibault van het IViR heeft vorig jaar in opdracht van de stuurgroep ‘Stimuleren Gebruik Digitaal Leermateriaal’ onderzoek gedaan naar ‘Auteursrecht en Open leermiddelen’. Het onderzoek geeft ook voor docenten die graag content ontwikkelen een paar aardige inzichten.

Hieruit blijkt dat de vragen die docenten hebben en de terughoudendheid die zij betrachten ten aanzien van werken van derden niet geheel onterecht is en mogelijk zelfs te verklaren valt. Zij komt nameijk tot de conclusie dat het verspreiden van leermiddelen onder een open content licentie systeem zoals dat van Creative Commons verder juridisch onderzoek vereist. In dit onderzoek behandelt zij tevens belangrijke basisvragen naar eigendom en signaleert zij de knelpunten over de rechtspositie van de auteurs op een gezamenlijk werk. Zij gaat ook in op de vraag over het (elektronisch) hergebruik van bestaand materiaal. Waarbij de rechten en in de praktijk vaak ook contracten die zijn afgesloten voor het gebruik van materialen een belangrijke rol spelen.

Voor het ter beschikking stellen van leermiddelen is het juridisch ook de vraag welke type open content-licentie de meest geschikte is gezien de publieke taak van onderwijsinstellingen, het gebruik van de leermiddelen en het feit dat deze onderwijsinstellingen ook steeds vaker zelf op zoek moeten naar geld en met e-Learning een mogelijkheid hebben een derde/vier/vijfde geldstroom aan te boren. De vraag is ook of dit niet een veel bredere discussie moet opleveren. Wat betekent deze publieke taak en welke consequenties moet dit hebben voor de beschikbaarstelling en voor welke scholen of voor alle scholen? Geldt dat ook voor de overheid? Moet de overheid alle open sourcecodes vrijgegeven? En hoe zit het dan met specificaties van de dienstauto van de premier van Nederland? Met andere woorden: waar ligt de grens?
Wat er ook uit deze discussie komt, een niet te verwaarlozen slotstuk vormt de handhaving van het auteursrecht en in dit geval die van de Creative Commons licentie in het bijzonder.

Guibault signaleert eveneens terecht dat een belangrijk praktisch probleem gelegen is in het gebrek aan auteursrechtelijke basiskennis onder docenten die leermiddelen ontwikkelen. In de praktijk valt het echter niet mee. Leermiddelen ontwikkelen kost tijd en dus geld. Het bevat vaak meerdere elementen, zoals tekst, video, afbeeldingen en vaak een koppeling met een ander gelicenseerd systeem. In het juridisch onderwijs is er vaak een link met een databank van een uitgever, zoals Kluwer die alleen gebruikt mag worden door studenten en medewerkers van de onderwijsinstelling. Juridisch hebben deze elementen gemeen dat het allemaal auteursrecht betreft, maar helaas voor docenten spelen ook vaak contractuele verhoudingen en intern beleid een belangrijke rol. Een cursus inleiding auteursrecht draagt zeker bij, maar volstaat dan niet. Als docent heb je meer inzicht nodig.

 Onderwijsinstellingen zullen intern richtlijnen moeten opstellen over hoe men om wil en hoe docenten mogen omgaan met het auteursrecht van de instelling. Vaak zijn deze docenten gewoon in dienst van de onderwijsinstelling. Hoewel men in het academisch onderwijs het auteursrecht op de schrijfsels van het wetenschappelijk personeel nog vindt toebehoren aan de wetenschappers, kan dit bij het hoger beroepsonderwijs wel eens anders uitpakken. De situatie in het wetenschappelijk onderwijs lijkt in die zin meer op een stilzwijgende overeenkomst waarin partijen accepteren dat auteursrecht bij de wetenschappelijk medewerkers ligt dan een uitgemaakte juridische zaak. En ook dat is prima. Het leren moet namelijk op de eerste plaats komen te staan, de techniek en de juridisch context moeten daarbij geen hindernissen gaan vormen. Een eenvoudige uitwisseling van zogenaamde educatieve content tussen de verschillende onderwijsorganisaties kan bijdragen aan beter onderwijs.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.